Wie krijgt de opbrengst van verpande zaken bij een faillissement?

De pandhouder of de curator?

Pandrecht
Het pandrecht is een zakelijk zekerheidsrecht dat kan worden gevestigd op roerende zaken en op vorderingen. De houder van het pandrecht verschaft zich voorrang op de roerende zaak of (geld)vordering in het bijzonder in faillissementssituaties.

Stil Pandrecht
Een onderdeel van pandrecht is het stil pandrecht, ofwel bezitloos pandrecht. Hierbij wordt hetgeen verpand wordt niet als bezit overgedragen aan de pandhouder. In dit geval wordt er een authentieke akte opgemaakt (door de notaris) of een onderhandse akte (tussen beide partijen, geregistreerd bij de notaris of de belastingdienst) dat er stil pandrecht is gevestigd op het goed. Bij bedrijven die hun machines of inventaris hebben verpand komt vaak stil pandrecht voor. Deze bedrijven hebben immers de machines en de inventaris nodig om de productie te kunnen voortzetten.

Wanneer de pandhouder van stil pandrecht goede redenen heeft om te vermoeden dat de verplichtingen niet worden nagekomen of als er al vaker tekort is geschoten in het nakomen van de verplichtingen, kan hij vorderen dat de zaak of het toonderpapier in zijn bezit of in het bezit van een derde wordt gebracht.

De goederen zijn nog niet betaald maar wel verpand

Een ondernemer kan goederen waar eigendomsvoorbehoud op is gevestigd, bij voorbaat verpanden, omdat deze wordt beschouwd als een toekomstig goed van de ondernemer. Als de ondernemer de goederen heeft betaald, vervalt het eigendomsvoorbehoud en komt er voor de verpanding een rechtsgeldig pandrecht op het goed voor de pandhouder.

Wat gebeurt er als de ondernemer failliet gaat voordat de goederen betaald zijn?

De ondernemer is op dat moment nog geen eigenaar van de goederen. Kan er op dit voorwaardelijke eigendomsrecht dan al een pandrecht worden gevestigd? Valt hierbij de overwaarde van de onder eigendomsvoorbehoud geleverde goederen in de boedel of bij de pandhouder? Verschillende keren is het voorgekomen dat een pandhouder (vaak een bank) geen geldig stil pandrecht kan vestigen op goederen die onder eigendomsvoorbehoud zijn geleverd.

Oordeel Hoge Raad leidt tot duidelijkheid

De Hoge Raad oordeelt in het arrest van 3 juni 2016 op de vraag of er na faillietverklaring een volwaardig pandrecht tot stand kan komen op de goederen die onder eigendomsvoorbehoud zijn geleverd:

“Ingeval enige zaak of enig vermogensrecht waarop het pandrecht betrekking heeft of dient te hebben onder opschortende voorwaarde aan de pandgever is overgedragen, strekt dat pandrecht zich uit tot de voorwaardelijke eigendom van die zaak, respectievelijk tot het voorwaardelijk recht met betrekking tot dat vermogensrecht.”

Pandhouder kan door te betalen pandrecht invorderen, ook na faillissement

De Hoge Raad oordeelt dat de verkoop onder eigendomsvoorbehoud een overdracht onder opschortende voorwaarde van betaling is. Op het moment dat de betaling is voldaan ontstaat er volledig eigendomsrecht. Als in een faillissement alle goederen en het eigendomsvoorbehoud zijn verpand, ontstaat na het betalen van het openstaande bedrag een volwaardig pandrecht op de volledige eigendom. Ook wanneer het openstaande bedrag pas na de uitspraak van het faillissement wordt betaald. In dit geval kan de pandhouder dus het openstaande bedrag betalen en zijn pandrecht invorderen. Hiermee valt dus ook de overwaarde van de goederen in handen van de pandhouder.

Bron: http://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:HR:2016:1046